Ook katten kunnen gestresst zijn...
Probleemgedrag
bij katten kent vele oorzaken, maar dat net als bij mensen
stress een grote boosdoener kan zijn is nog nauwelijks bekend.
Als we de stress bij katten weten te verminderen zullen zij
minder of helemaal geen agressie meer vertonen en prettiger in
de omgang zijn. Hun vaak doffe vacht begint weer te glimmen en
de onrust is uit hun lijf. |
|
|
Voor stress bij katten zijn
allerlei oorzaken aan te wijzen maar de algemene definitie van
stress is dat het ontstaat als een situatie voor de kat
onvoorspelbaar en oncontroleerbaar is. Er is een verschil tussen
acute stress en chronische stress. Acute stress kan ook
positieve stress zijn die bijvoorbeeld ontstaat als de kat bezig
is een muis te vangen.
Uit onderzoek
weten we dat als we jonge dieren vanaf de geboorte tot aan 5
weken dagelijks gedurende een kort periode vastpakken en een
gevarieerd aanbod aan stimuli bieden hun zenuwstelsel eerder
volgroeid is en hun motorische en lichamelijke ontwikkeling
sneller gaat in vergelijking met dieren die minder gestimuleerd
zijn. Daarnaast hebben gestimuleerde dieren in een voor hen
vreemd omgeving meer zelfvertrouwen, zullen ze eerder de
omgeving onderzoeken en zijn ze sociaal vaardiger. Dit effect is waarschijnlijk te verklaren omdat het
vroeg en regelmatig vastpakken van de dieren in combinatie met de acute stress
ervoor zorgt dat bij het dier het |
|
hypofyse-bijniersysteem zich aanpast
waardoor het later beter met stressvolle situaties kan omgaan. Stress is dus
niet alleen maar negatief.
Ernstige welzijnsaantastingen treden met name op in
situaties van chronische stress. Omdat stress gedrag in voor de kat vervelende
situaties vaak niet specifiek of geconditioneerd is, kan het bij
wetenschappelijk onderzoek noodzakelijk zijn om gedragsobservaties te
ondersteunen met fysiologische stressmetingen. Cortisol bepalingen in speeksel
en hartslag registraties zijn bruikbaar om acute stress te bepalen en de
interpretatie van gedragobservatie van acute stress te ondersteunen. Een
verhoogde cortisol/creatine ratio in spontaan geproduceerde ochtend urine
vormt een sterke aanwijzing voor chronische stress. Dit meten van stress is
een methode om te bepalen of het dier zijn situatie negatief waardeert en het
kan dus een belangrijk hulpmiddel zijn bij de identificatie van welzijn
problemen. In 1997 heeft de wetenschapper Bonne Beerda, in een onderzoek bij
honden, aangetoond dat zij gedragsmatig reageerde op stressoren die plotseling
plaatsvinden met rusteloosheid, een lage houding, meer uitschudden en
orale gedragingen zoals de bek vaak aflikken tongelen en slikken en in
mindere mate met gapen en bek openen.
Verder bleek dat bij honden een lage
houding en een veelvuldig voorkomen van pootje heffen, uitrekken, stereotype
bewegingsactiveit, manipulaties van de omgeving, zelfverzorging,
vocalisaties,
gestoorde bewegingen en coprofagie - het eten van ontlasting - een aanwijzing
kan zijn voor chronische stress. Ook bij katten kennen we stressignalen zoals
het veelvuldig aflikken van de bek, het heffen van een voorpoot, het overmatig
trillen van spieren en de siddering over de rug. Pica het eten van vreemde
voorwerpen is het gedrag dat met name voorkomt bij chronische gestresste
katten.
|
|
Onderzoek bij laboratorium dieren, waaronder ook
katten, wijst uit dat angst, eenzaamheid en verveling een grotere invloed
hebben op het verminderen van welzijn dan pijn. Uit recent onderzoek blijkt
dat een dier dat chronische stress heeft als oplossing hiervoor stereotiep
gedrag kan ontwikkelen. Bij de kat zijn dit gedragingen als het dwangmatig
likken van een bepaalde plek op de huid. Deze gedragingen zullen door de
verslavende eigenschappen van opioiden - stoffen die het lichaam zelf aanmaakt
- en ook de kalmerende effecten van opioid er voor kunnen zorgen dat deze
katten kunnen omgaan met de stressvolle omstandigheden. Door het belonende
effect van de stoffen zal het gedrag steeds erger worden. De
effectiviteit van stereotiep gedrag neemt echter af naarmate de situatie
langer aanhoudt en bij varkens is aangetoond dat langdurige chronische stress
zorgt voor neuronaal celverlies. Uit de praktijk van Tinley zien we dat
chronische stress bij katten veelal veroorzaakt wordt door te veel katten op
een te klein oppervlakte en verveling. |

|
|
|
Wat gebeurt er tijdens stress in het
lichaam
Een deel van de hersenen wordt geprikkeld en dit deel
activeert het centrale zenuwstelsel dat vervolgens bepaalde hormonen afscheid.
Deze hormonen zorgen ervoor dat de bloeddruk stijgt, de hartslag toeneemt, de
longblaasjes zich verwijden evenals de bloedvaten naar de hersenen, de spieren
en de kransslagader. Andersom vernauwend e bloedvaten zich die naar de huid,
nieren en de spijsverteringsorganen lopen. De spijsvertering wordt bijna
helemaal stopgezet.
Door deze reacties van het lichaam kan er meer
zuurstofrijk bloed stromen naar hersenen, spieren en hart. Adrenaline zorgt
ervoor dat er in de lever een verhoogde productie ontstaat van glucose dat
door het lichaam gebruikt word als brandstof voor spier- en zenuwcellen. Ook
de suiker en vetreserves worden aangesproken als extra brandstof voor de
spieren. Om ervoor te zorgen dat mogelijke verwondingen niet leiden tot
overmatig bloedverlies wordt de stollingsfactor van het bloed verhoogd. Deze
fysiologische |
|
processen uitten zich a.a. door verwijde pupillen, gespannen
spieren, een hoge en snelle ademhaling en minder speeksel. We noemen deze
reactie van het lichaam het fight-or-flight mechanisme. Dit mechanisme is in
natuurlijke situaties erg handig omdat tijdens gevaar een snelle reactie van
het lichaam, voor de kat bepalend kan zijn of hij zich wel of niet weet te
redden uit een gevaarlijke situatie. Maar als dit mechanisme continu wordt
aangesproken vermindert de weerstand, is de kat vatbaarder voor infecties,
sneller geprikkeld en uiteindelijk kunnen er gedragsproblemen ontstaan. |
|
Mogelijke oplossingen voor stress:
Uiteraard is het belangrijk om te weten wat de
oorzaak is van de stress om deze vervolgens te kunnen verwijderen of op zijn
minst te verminderen. Is er sprake van gedragsproblemen dan is een bezoek aan
een ervaren, goed opgeleide katten gedragstherapeut - die bekend is met het
fenomeen stress - beslist geen overbodige luxe. Deze gedragstherapeut zal in
overleg met de eigenaar op zoek gaan naar de oorzaak van de stress. Als
algemeen advies kan ik u zeggen dat het meer beweging geven aan de kat ervoor
kan zorgen dat de stoffen opgebouwd voor het fight-flight mechanisme kunnen
worden opgebruikt. Ook het begrijpen van uw kat en in het gedrag te verdiepen
zal ervoor zorgen dat uw kat zich veilig voelt en meer controle heeft over
zijn leefomgeving. Daarnaast denk ik dat het verstandig is om in een kleine
behuizing niet te veel katten samen te laten leven. Een praktische tip voor
kattenliefhebbers met een gestresste kat: bedenk dat u door wat simpele
aanpassingen meer veilige en rustige slaapplekjes kunt creëren. Zet eens wat
kartonnen dozen neer op kasten, hang wat mandjes aan de verwarming, geef de
dieren ook toegang tot badkamer zolder enz. Hoe meer privé een kat heeft hoe prettiger
die zich voelt. En laten we eerlijk zijn, geld dat niet voor ons allemaal?
Bron: Kattenmanieren
|
|