|
FIP, griezelige bedreiging voor katten
FIP is een ziekte die in elk opzicht problematisch is.
Voor de wetenschappers en dierenartsen beginnen de moeilijkheden al met het
begrijpen wat tot deze ziekte leidt en wat er precies in het lichaam van de kat
gebeurt. Het stellen van een diagnose is niet eenvoudig. En tot nu toe is er
helaas geen succesvolle therapie gevonden.
Wat betekend FIP?
Deze drie letters staan voor Feline
Infectieuze Peritonitis - besmettelijke buikvliesontsteking bij katten. De
verwekker is een virus uit de stam der zogenaamde coronavirussen, die eigenlijk
in het maag-darmkanaal actief zijn en meestal alleen een lichte vorm van diaree
veroorzaken. Het is echter ook mogelijk dat het diaree-virus in het lichaam van
de kat in een FIP-virus verandert. Dan wordt het virus via het bloed naar alle
inwendige organen vervoerd. Daarna is het juist de reactie van het immuunsysteem
die tot ontstekingen in het hele lichaam leidt. Daarom is het al of niet
uitbreken van FIP behalve van de kracht van het virus ook afhankelijk van het
immuunsysteem van de kat: er zijn veel dieren die wel besmet zijn, maar waarbij
de ziekte nooit uitbreekt.
De
eerste symptomen zijn meestal niet typerend. De kat
eet slecht, is erg rustig en krijgt koorts. Het kan een tijd duren tot het symptoom
verschijnt waaraan de ziekte zijn naam dankt: een ophoping van vocht in de
buikholte - minder vaak in de borstkast. Er zijn echter ook gevallen waarbij geen
vocht wordt opgehoopt. In plaats daarvan vormen zich kleine knobbeltjes in de
organen die van buitenaf niet kunnen worden ontdekt. Wanneer koorts dagen lang
aanhoudt en door een behandeling met antibiotica niet daalt, zal de dierenarts
daarom altijd rekening moeten houden met FIP.
Behalve de inwendige organen worden soms ook de ogen en
het centrale zenuwstelsel aangetast. De kat heeft dan last van tranende of
pijnlijke ogen, heeft moeite met zien en ook zijn gedrag kan veranderen. Verder
kan de ziekte leiden tot problemen met het oriëntatievermogen, trillingen of
verlamming van de gezichtszenuwen, wat tot een verandering van de gezichtsuitdrukking
leidt.
Een betrouwbare diagnose is in geval van FIP erg
moeilijk. De dierenarts moet als het ware een reeks indicaties opsporen. Als er
veel aanwijzingen zijn, is er waarschijnlijk sprake van FIP. De aanwijzingen
zijn het duidelijkst als de ziekte met de typerende vochtophoping in de
buikholte gepaard gaat. Dan kan er een vochtmonster worden genomen en dit kan
worden onderzocht. Als het vocht geel of barnsteenkleurig en taai is, is de kans
groot dat de kat FIP heeft. Bij de aanvullende test wordt een druppel van het
vocht in verdund ijsazijn gedaan. Als deze niet oplost, zal de dierenarts hoogst
waarschijnlijk FIP vaststellen. Ter bevestiging van zijn diagnose kan hij het
vocht ook op een enzym laten testen dat in het geval van een FIP besmetting in
een hoge concentratie aanwezig is.
Door bacterieel onderzoek kan worden uitgesloten
dat het om een ontsteking gaat. Met behulp van deze elkaar aanvullende
onderzoeken kan FIP voor bijna honderd procent zeker worden vastgesteld.
De zaak wordt moeilijker als het om de
"droge vorm" van FIP gaat. Dan kan de dierenarts zich meestal slechts oriënteren
aan de hand van de weinig typerende symptomen (koorts, lusteloosheid en gebrek
aan eetlust). Het vaststellen van het aantal antilichamen, in het kort de
FIP-test, helpt weinig bij het stellen van een diagnose. Dit onderzoek richt
zich namelijk op het vaststellen van de aanwezigheid van antilichamen tegen alle
coronavirussen, dus ook tegen het vrij ongevaarlijke diareevirus. Ongeveer
de helft van alle katten is reeds met coronavirussen in aanraking geweest zodat
bij al deze katten een flink aantal antilichamen wordt gevonden, zonder dat dit
iets met FIP te maken hoeft te hebben.
Om de verdenking van FIP te
staven, moet
daarom het eiwitgehalte van het bloed worden bepaald, dat in het geval van FIP
hoger is. Ook de verdeling van de diverse eiwitsoorten in het bloed kan nuttig
zijn. Mochten er bepaalde eiwitsoorten in een grotere hoeveelheid aanwezig zijn
dan gebruikelijk, andere echter in een duidelijk zwakkere concentratie, dan is
dit een vrij betrouwbare indicatie van het FIP. Dit geldt echter alleen in het
geval van zichtbare symptomen. Een definitieve diagnose kan bij de droge vorm
van FIP alleen door monsters van de organen in de buikholte worden gesteld.
Onder de microscoop zijn in gespecialiseerde laboratoria veranderingen zichtbaar
die duidelijk naar FIP verwijzen.
FIP is een ongeneselijke ziekte die
meestal in korte tijd tot de dood leidt. Pogingen om de ziekte te behandelen,
kunnen alleen het welzijn van de kat verbeteren en zijn leven een stukje verlen gen.
Voor dit doel kan cortison samen met aspirine worden gebruikt, wat een
ontstekingsremmend effect heeft en de symptomen tijdelijk verzacht. Ter ondersteuning
zijn een goede verzorging, eventueel een infuus en eetluststimulerende
medicijnen en het afzuigen van het vocht in de buik- of borstholte nodig. Toch
zullen de meeste katten desondanks al enkele weken na het optreden van de eerste
symptomen sterven. Daarom moet het baasje zijn kat goed in de gaten houden om te
zien hoe slecht het met het dier gaat en desnoods overwegen of hij inslapen een diervriendelijke
oplossing vindt.
Gezien deze frustrerende resultaten zou
het natuurlijk geruststellend zijn als je iets kon doen om FIP te voorkomen.
Maar de ontwikkeling van een vaccin is moeilijk, omdat het juist de reactie van
het immuunsysteem is die de symptomen veroorzaakt. Het gebruikelijke doel van
inentingen, een snelle vorming van antilichamen stimuleren, werkt in dit geval
niet. Daarom is er een preventief vaccin ontwikkeld dat in de neus wordt
gedruppeld. In het gebied van de neus en keelholte worden afweermechanismen
geactiveerd die voorkomen dat het virus het lichaam binnendringt. De
werkzaamheid is echter omstreden. Als een kat al eens met coronavirussen in
aanraking is gekomen, helpt de inenting helemaal niet. Daarom is een controle
van de antilichaamspiegel zinvol om over het al of niet van een inenting te
besluiten.
Onze eigen lieve Ylva is helaas
aan beide varianten van FIP overleden. Lees onze ervaring
met deze vreselijk gemene ziekte!
Onze Pim is eveneens aan FIP
overleden, hij was bijna 6 jaar. Deze knul had de droge variant. Zijn verhaal
lees je hier.
**noot van de webmaster, is je
kat (bewezen) gestorven is aan FIP, geef dit door aan de fokker(ster), samen met
het autopsie rapport van de dierenarts, zodat de fokker(ster) maatregelen kan
nemen. Onthoud deze mensen niet van dit recht om het ras te beschermen!!!**
Bron: Hart voor Dieren.
|